Rijke jongelui

Een slordige 500 dierenkaarten, gratis (-nou ja-) gekregen in de supermarkt, en 3 kinderen. Een oefening in vrijemarktdenken. 

Toon is een oppotter en een sjacheraar. Zijn slaapkamer, bureau en broekzakken puilden uit van de verzamelde kaarten, die ‘van hem’ waren. Die eigendomstitel hebben ze enkel verkregen omdat hij toevallig de eerste was die ze in handen kreeg. Dat werkt dus zoals een land-rush. Als het vrije kaartenarsenaal uitgeput was, ging hij over in sjacheraarsmodus en troggelde zijn broer en zus ‘hun’ kaarten af door alle soorten van ruilhandeljes.

Menig liberaal zou zich verkneukelen in dit soort taferelen, die onomstotelijk aantonen dat de liberaal-economische beginselen gewoon in de mens ingebakken zitten. Het is onze ‘natuur’. Zal best, maar ik had toch geen zin me daarbij neer te leggen. De mooie liberale principes werden immers een belemmering om nog normaal te functioneren. Het lijkt me voor een kind aangewezen om speelgoed te gebruiken als middel om samen met andere kinderen tot spel te komen. Ik zag het speelgoed echter enkel dienen om zichzelf te meten met anderen, louter op basis van bezit, en daardoor meer tot jaloezie en ruzie strekken dan tot vreugde en spel.

Dan maar de liberale beginselen overboord gegooid en teruggegrepen naar de lering van Jezus aan de rijke jongeman en de praktisering ervan door de leerlingen.

“Jezus zei: ‘Als u onverdeeld goed wilt zijn, ga dan uw bezit verkopen en geef het aan de armen, en u zult een schat hebben in de hemel. Kom dan terug om Mij te volgen.’” (Mt. 19, 21)

“Allen die het geloof hadden aangenomen, bleven bijeen en bezaten alles gemeenschappelijk. Ze verkochten have en goed en verdeelden dat onder allen naar ieders behoeften.” (Hand. 2, 44-45)

Vermits herhaaldelijke vermaningen aan Toons gedrag niks veranderden, is nu de -voorlopige?- oplossing gevonden in de collectivisering van de goederen. Het is dus verboden de betreffende kaartencollectie als prive-bezit te beschouwen. De ganse collectie vindt bewaring in een enkele doos, voor iedereen toegankelijk en uitsluitend in functie van een spel. Tegelijk voltrekt zich een soort  wonderbare broodvermenigvuldiging, want de collectie kaarten is nu vele malen groter dan voorheen, toen ze verspreid was over de verschillende eigenaars, die dan nog elk hun verschillende oppotplaatsen hadden…

Dat het een beetje een communistische maatregel lijkt, neem ik erbij, maar als geruststelling mag gelden dat de kaarten tot nader order nog niet als investeringsgoed kunnen dienen. Als het goed gaat, kunnen we misschien binnenkort het feodaal stelsel invoeren, dat is dan meteen een mooi opstapje naar een gezond corporatisme 😉

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *