De prijs der verlossing

385. Feest van het Kostbaar Bloed. 1 juli

„Weet dat gij niet met vergankelijke dingen zijt vrijgekocht, maar met het kostbaar bloed van Christus, als van een onberispelijk, vlekkeloos lam” ( 1 Petr. 1, 18. 19 ).

„Gij hebt ons vrijgekocht, o Heer, met uw bloed, uit elke stam en taal en volk en natie en Gij hebt ons voor onze God gemaakt tot een koninkrijk” ( introitus ; Openb. 5, 9. 10 ).

Sint Catharina van Siena schrijft aan de zalige Raymundus : „Hij die de kennis bezit en handelt als bruidegom van de Waarheid, zal in het bloed de genade vinden, heel de rijkdom en het leven der genade. Zijn naaktheid zal bedekt worden met het vuur der liefde, want het bloed en het vuur vermengen zich en doordringen elkaar. De liefde is het die het bloed met de godheid verenigd heeft en vergoten. In het bloed wordt hij volledig met barmhartigheid gevoed. In het bloed zal hij de duisternis verdrijven en het licht smaken, want in het bloed verdwijnt de wolk der eigenliefde en de slaafse vrees voor straf. Daar wordt de heilige vrees geboren en de zekerheid der goddelijke liefde.”

1. Het bloed van Jezus is de kostbare prijs van onze verlossing. „Gij zijt gekocht en betaald” ( 1 Kor. 6, 20 ). Het bloed geldt als de zetel van het leven. Het is het dierbaarste en kostbaarste wat men voor een ander kan offeren. Wie zijn bloed en leven geeft voor het vaderland, geeft het hoogste wat hij bezit. In het algemeen spraakgebruik komt deze opvatting tot uiting. „Gij hebt nog niet ten bloede toe weerstand geboden in uw strijd tegen de zonde” ( Hebr. 12, 4 ), schrijft Paulus aan christenen wier geloof nog niet op de zwaarste proef wordt gesteld. Hiermee hangt samen dat in de Joodse ritus der slachtoffering de uitstorting van het bloed werd beschouwd als het wezenlijke van het offer: „zonder de bloedstorting geschiedt er geen zondenvergeving” ( Hebr. 9, 22 ). Onze goddelijke Zaligmaker heeft in zijn lijden en sterven zijn bloed voor ons vergoten tot de laatste druppel. Sint Jan verhaalt hoe nog na zijn dood een soldaat Jezus’ zijde met een speer doorboorde „en terstond vloeide er bloed en water uit” ( Joh. 19, 34 ; evangelie). De Heer heeft zijn leven voor ons gegeven en wel op zulk een wijze dat zijn dood een bloedige slachtoffering was, het volmaakte offer, dat de Vader behaagt en ons verlost door de besprenkeling met het bloed dat krachtiger spreekt dan dat van Abel ( Hebr. 12, 24 ).

2. Sanguis Christi inebria me : Bloed van Christus, bedwelm mij, smeekt de heilige Ignatius . De gedachte aan Jezus’ offer, de gedachte aan zijn liefde die zichzelf niet ontzag, moet ons vervullen met blijde dankbaarheid, met het diepe bewustzijn dat wij niet meer onszelf toebehoren, doch Hem, – en met een vurige wederliefde voor Degene, „die mij heeft liefgehad en zich voor mij heeft overgeleverd” ( Gal. 2, 20 ). Maar méér dan deze dierbare herinnering bezitten wij. Het bloed des Heren zelf mogen wij met de priester aan onze hemelse Vader opofferen als voortdurende verzoening voor onze eeuwigdurende zonden en tekortkomingen. En wij mogen het waarachtig nuttigen in de communie als de potus vehementior ( Sint Ambrosius ), als de krachtige drank, die ons verkwikt en versterkt, als de liefdewijn die ons bedwelmt. De heilige Ignatius bidt om goddelijke uitzinnigheid, om een bedwelming die ons de nuchtere overwegingen en de berekeningen der zelfzucht op zij doet zetten voor edelmoedige zelfverloochening uit liefde. Het mysterie van Jezus’ bloed in het offer der mis en de gedachte aan dat uitgebloede en bleke lichaam, aan het kruis tegen de donkere hemel uitgerekt, zullen de liefde in ons wekken. „Jezus heeft, om zijn volk door zijn eigen bloed te heiligen, buiten de poort geleden. Laat ons tot Hem uitgaan buiten de legerplaats en zijn versmading dragen ( Hebr. 13, 12. 13 ).

Willem Grossouw

Over Innerlijk LevenAbonneren per email (dagelijks van 30/11/2014 tot 29/11/2015)

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *