Het Heilige Huisgezin

49. Maandag na de Eerste Zondag na Driekoningen

Het evangelie van de Zondag eindigt met de woorden: „En Hij daalde met hen af en kwam te Nazaret. Hij was hun onderdanig. Zijn moeder bewaarde dit alles zorgvuldig in haar hart. En Jezus nam toe in wijsheid en jaren en in welgevallen bij God en bij de mensen” ( Lk. 2, 51. 52 ). Dit is het verborgen leven van Jezus in de schoot der heilige Familie. De pausen Leo XIII en Benedictus XV hebben de verering van dit heilig gezin bijzonder bevorderd en een feest te zijner eer ingesteld op de Zondag onder het octaaf van Driekoningen. In onze liturgisch georiënteerde tijd spreekt dit feest willicht minder aan dan in de meer burgerlijke periode, die tot het verleden behoort. Maar toch, hoe heilzaam blijft voor ons allen de beschouwing vol geloof en liefde van dit paradijs op aarde! Laat een maatschappij, die tot in haar fundamenten werd geschokt en ontredderd, zich stichten en sterken aan dit volmaakte gezin.

1. Beschouw de deugden die daar bloeiden. „Hij was hun onderdanig.” Het goddelijk Woord gehoorzaamde aan sterfelijke mensen in al de kleine dingen van het dagelijks leven, dertig jaar lang. Ook deze gehoorzaamheid lag in de plannen Gods en zij behoorde tot het vervullen der gehele gerechtigheid, dat de Zoon was opgelegd. De gehoorzaamheid is een deugd die de trotse aard van de mens altijd zwaar valt en die in onze tijd van vrijheidszucht en verzet tegen verouderd geachte normen en instellingen veel geleden heeft. Het is ook een deugd die voor ons allen in allerlei opzicht ons leven lang noodzakelijk blijft en die niet gemakkelijker wordt naarmate wij ouder worden, zo wij niet vroegtijdig hebben geleerd haar in een geest van bovennatuurlijk geloof te beoefenen. Hoe heerste daar de liefde ! Weinig dingen zijn zo moeilijk als het bewaren van de hartelijkheid en spontaneïteit der liefde ten opzichte van hen met wie wij dagelijks omgaan, die ons kennen in al onze gewoonheid en wier fouten ons een voortdurende ergernis zijn. In het heilig huisgezin was er niets dat de liefde verstoorde. En tegelijkertijd: hoe waarachtig was die genegenheid, hoe volstrekt eerlijk, zonder enige bijbedoeling of onoprechtheid, zonder wantrouwen of argwaan!

2. Denk ook aan de geest van gebed die deze uitverkoren personen bezielde, aan de sfeer van reine ingetogenheid die heerste in dat huis. Ware vroomheid zonder onnatuur of louter mechanische gewoonten en veruiterlijkte praktijken, een innerlijk leven dat in die zuivere harten spontaan opwelde en hen hechter aaneensmeedde dan banden des bloeds vermogen. Tezamen met het mensgeworden Woord leefden Maria en Jozef in een allerinnigst verkeer met God. En tegelijkertijd leefden zij volkomen onopvallend, in de arbeidzaamheid en eenvoud van een gezin dat zich uiterlijk niet onderscheidde van de meerderheid der mensen. Later, als de inwoners van Nazaret horen van Jezus’ optreden, zullen zij verbaasd vragen: „Hoe komt Deze aan zijn wijsheid en zijn wonderen? Is Hij niet de zoon van de timmerman? Is zijn moeder niet Maria?” ( Mt. 13, 54. 55 ).

Laten wij niet, evenals zij, achteloos voorbijgaan aan het geheim van dit gezin waarvan ons de schoonheid en de kracht worden geopenbaard. Het geloof der kleinen en eenvoudigen is hier thuis. De nederigen verkwikken zich aan het schouwspel van dit „verborgen leven” , dat voor de natuurlijke mens verborgen blijft; zij vinden er sterkte om de moeilijkheden van het alledaagse leven heldhaftig te overwinnen.

Geef ons, Heer Jezus Christus, door de voorbeelden van uw heilige Familie gesticht te worden en eenmaal hun eeuwig gezelschap te verwerven (oratie).

Willem Grosssouw

Over Innerlijk LevenAbonneren per email (dagelijks van 30/11/2014 tot 29/11/2015)

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *