Boek II Hoofdstuk 8 Over de gemeenzame vriendschap met Jezus

Als Jezus bij ons aanwezig is, dan gaat alles wel, en niets schijnt er lastig; maar wanneer Jezus bij ons niet is, dan valt alles hard. Als Jezus binnen ons niet spreekt, zo is andere troost niets waard; maar als Jezus een enkel woord binnen ons spreekt, o dan gevoelt men grote troost. Rees Maria-Magdalena niet aanstonds op van de plaats waar zij weende, als haar zuster Martha haar zeide: De Meester is daar, en Hij roept u? (1) O zalig uur wanneer Jezus ons roept uit de tranen tot de blijdschap van de geest! Hoe dor en gevoelloos zijt gij zonder Jezus! Hoe dwaas en hoe ijdel, wanneer gij iets zoekt buiten Jezus! Is dit geen groter verlies, dan indien gij de gehele wereld verloort?

Wat kan de wereld u baten zonder Jezus? Zonder Jezus te blijven is een nare hel; en met Jezus te zijn, is een zoet paradijs. Als Jezus met u is kan geen vijand u deren. Wie Jezus vindt, vindt een goede schat, ja een goed boven alle goed. En wie Jezus verliest, verliest veel en zeer veel, ja meer dan geheel de wereld. Hij is arm, die zonder Jezus leeft, en overvloedig rijk, die wl staat met Jezus.

Het is een grote kunde met Jezus wl weten te verkeren; en het is een grote voorzichtigheid, Jezus te bewaren. Wees ootmoedig en vreedzaam, en Jezus zal met u zijn. Wees godvruchtig en stil, en Jezus zal met u blijven. Gij kunt Jezus licht verwijderen, en zijn genade verliezen, als gij u naar t uitwendige wilt keren. En als gij Hem verjaagt en verloren hebt, tot wie zult gij dan uw toevlucht nemen en wie zult gij dan tot vriend kiezen? Zonder vriend kunt gij niet gelukkig leven; en indien Jezus voor u niet de beste vriend is, zo zult gij uzelf te verdrietig en verlaten vinden. Gij handelt dan zeer dwaas, indien gij in iemand anders uw betrouwen stelt of uw blijdschap. Het zou beter zijn, de gehele wereld tegen u te hebben, dan in ongenade met Jezus te zijn. Dat dan, onder allen die u dierbaar zijn, Jezus alleen uw bijzondere vriend en welbeminde zij.

Bemin alle mensen om Jezus, maar Jezus om Hemzelf. Jezus Christus alleen moet met voorkeur bemind worden, want Hij alleen is een goede en getrouwe vriend onder alle vrienden. Om Hem, en in Hem moet gij vrienden en vijanden liefhebben, en gij moet hem voor hen allen bidden, opdat allen Hem mogen kennen en beminnen. Begeer nooit boven anderen geprezen of bemind te worden; want dat komt God alleen toe, die zijns gelijke niet heeft. Begeer ook niet, dat iemand in zijn hart met u bekommerd zij, en wees gijzelf niet met iemands liefde ingenomen; maar (wens) dat Jezus in u en in alle mensen goed leve.

Wees zuiver en vrij van hart, zonder gehechtheid aan enig schepsel. Gij moet van alles ontbloot zijn, en een zuiver hart tot God opdragen, indien gij wilt rusten en smaken hoe zoet de Heer is (2). En voorwaar gij zult daartoe niet geraken, tenzij zijn genade u voorkome en u meetrekke, zodat gij, van alles ontmaakt en afgescheiden met Hem alleen verenigd zijt. Want als de genade Gods tot de mens komt, wordt hij tot alles in staat gesteld, en wanneer zij zich van hem verwijdert, dan wordt hij arm en krank, en als geheel overgelaten aan geselslagen. Doch zelfs in deze staat moet hij niet kleinmoedig zijn of wanhopen; maar hij moet met gelatenheid zich schikken naar de wil van God en alles wat hem overkomt verdragen ter ere van Jezus Christus; want op de winter volgt de zomer, na de nacht komt de dag terug, en na het onweer zonneschijn.

1) Joh. 11: 28 2) Ps. 33: 9

Thomas a Kempis

Over de Navolging van ChristusAbonneren per email (dagelijks van 27/11/2016 tot 16/06/2017 in de sterke tijden)

  • Tevreden over deze inhoud?
  • ja   nee