Boek III Hoofdstuk 51 Men moet zich op nederige werken toeleggen, als men tot meer verheven onbekwaam is

CHRISTUS. – Zoon, gij kunt niet altijd dezelfde vurige ijver voor de deugd gevoelen, noch u op een hoge trap der beschouwing staande houden, maar de natuurlijke verdorvenheid noodzaakt u somtijds tot het lagere af te dalen en de last van dit sterfelijk lichaam te dragen, tegen uw dank en met verdriet. Zolang gij dit sterfelijk lichaam draagt, zult gij verdriet en zwaarmoedigheid des harten gevoelen. Gij moet dan zolang gij dit lichaam draagt, dikwijls zuchten om de last van het vlees, die belet dat gij u onafgebroken bezig kunt houden met geestelijke oefeningen en hemelse beschouwingen.

Alsdan is het voordelig uw toevlucht in nederige en uitwendige oefeningen te zoeken, en afleiding in goede werken: wacht maar met een vast vertrouwen naar mijn komst en hemelse bezoeking; verdraag met geduld uw ballingschap en dorheid des geestes, totdat gij weder door Mij bezocht wordt, en verlost van alle benauwdheden. Want Ik zal u de arbeid doen vergeten, en u inwendige rust doen genieten. Ik zal de schone weiden der H.Schriftuur voor u openen, opdat gij met een blij gemoed en op de weg van mijn geboden moogt voortijlen (1). En dan zult gij zeggen: Het lijden van deze tijd is niet te vergelijken bij de toekomstige glorie, die in ons geopenbaard zal worden (2).

(1) Ps. 118: 32 (2) Rom. 8: 18

Thomas a Kempis

Over de Navolging van ChristusAbonneren per email (dagelijks van 27/11/2016 tot 16/06/2017 in de sterke tijden)