Nieuws over de Tridentijnse mis in Antwerpen

Via epost ontving ik onderstaand bericht:

DE TRIDENTIJNSE H. MIS
VERHUIST
vanaf zondag 7 april 2019 om 9.00 u.
NIEUWE LOCATIE:
KERK VAN SINT-MICHIEL EN SINT-PETRUS
CUYLITSSTRAAT 24, 2018 ANTWERPEN
(ingang langs de Amerikalei)
VAN HARTE WELKOM!

L.S.,
Na bijna 4 jaar te gast te zijn geweest in de kerk van Kristus Koning, verhuist de Tridentijnse H. Mis. Alle praktische aspecten zoals aanvangsuur, priester, biechtgelegenheid enz. blijven identiek. Deze H. Mis wordt ingericht door het bisdom omdat een aantal gelovigen dit destijds vroegen. Eén van die gelovigen was wijlen
Kris Clauw. Gedenk hem in uw gebeden.
Financieel wordt de H. Mis ondersteund door het verbond Pro Petri Sede. Wenst u te steunen dan kan dat op rekening IBAN BE92 0689 0252 6423, p/a Hemelstraat 36, 2018 Antwerpen, met mededeling Tr. H. Mis. Dank bij voorbaat.

De Sint-Michiels-en-Sint-Petruskerk behoort misschien officieel niet tot de reeks van Antwerpse monumentale kerken, maar het is vast en zeker één van de mooiste—en grootste—kerken van onze stad. Ik bezoek ze zelf af en toe om de mis op zondagavond bij te wonen, een ideale fall-back als het ’s ochtends niet lukt. Wie de kerk niet kent, kan het interieur bewonderen in 3D of de drone-opname bekijken.

Kerk van Sint-Michiel en Sint-Pieter in Antwerpen

Zoek je elders een Tridentijnse mis, dan is er een kaart met een overzicht van Tridentijnse missen in Vlaanderen. Via dezelfde link krijg je ook een kaart met een overzicht waar er biechtgelegenheid is, dat kan in de Vasten zeker van pas komen! De gegevens voor biechtgelegenheid pluk ik van de website van het Nederlandse Sint-Janscentrum. Voor de tridentijse missen vond ik de website Mysterium Fidei als bron.

Altijd dezelfde gezichten

Bij het aantreden van paus Franciscus, nu zes jaar geleden, schreef ik een artikeltje op mijn blog getiteld “Een nieuw gezicht van Jezus“. Ik maakte daarin de bedenking dat we met Johannes-Paulus II, Benedictus XVI en Franciscus drie heel verschillende pausen hebben, die elk een ander gezicht van dezelfde Jezus laten zien.

“Voor de buitenwacht zijn dat allemaal heel verschillende gezichten, en lijkt het alsof een andere paus ook meteen een andere kerk betekent. Een gelovige echter herkent de verschillende gezichten van een en dezelfde Christus, die eeuwig en onveranderlijk is.”

Jezus heeft verschillende gezichten. Hij is priester, leraar, rechter. Hij kan zalvend zijn, maar ook boos. Hij kan barmhartig zijn, maar ook op de proef stellen. De Kerk mag blij zijn dat de opeenvolgende plaatsvervangers van Christus op aarde zo’n verscheidenheid van gezichten tonen!

Maar hoe zit dat met de bisschoppen?

Bij het heengaan van mgr. Danneels beschrijft Emmanuel van Lierde hem in Tertio terecht als een “christelijk humanist en consensuszoeker”. Pieter Bauwens op Doorbraak analyseert vervolgens zijn rol in de meest recente bisschopsaanstellingen: “De opluchting was groot bij Danneels toen zijn ‘poulain’ Josef De Kesel in 2015 de nieuwe aartsbisschop van Mechelen werd. Sommigen zagen er ook zijn hand in en meten hem een groot aandeel in die benoeming aan. Met De Kesel in Mechelen, Johan Bonny in Antwerpen en Lode Aerts in Brugge zijn al zeker drie erfgenamen van Danneels bisschop in Vlaanderen. De kans is groot dat daar met de nieuwe bisschop van Gent, die op dit moment gezocht wordt, nog een vierde bijkomt.”

“De kans is groot dat daar nog een vierde bijkomt”

Ik tel één en één op en kom tot de slotsom dat we in Vlaanderen met een selectie bisschoppen zitten, die zowat allemaal een doorslagje zijn van mekaar en dan stel ik me de vraag of de Kerk in Vlaanderen wel echt blij moet zijn met vier “christelijke humanisten en consensuszoekers” aan het hoofd?

Voor zover het profiel van een “christelijk humanist en consensuszoeker” al mag gelden als een gelaat van Jezus, vind ik dat er best wat meer verscheidenheid zou mogen zijn!

Suspens en hoop en de jeugd van tegenwoordig

Ik ben de laatste om over “de jeugd van tegenwoordig” te beginnen. Het is me al lang duidelijk dat oudere generaties zonder het te beseffen de jeremiaden van hun eigen ouders herhalen en dat dit verschijnsel een eindeloos weerkerend fenomeen is.

Toch ben ik tot de slotsom gekomen dat de generatie die nu opgroeit, van alle hoop verstoken is!

Gisteren keek ik met de kinderen naar Star Trek The Motion Picture. Voor nummer één draaide het gebeuren eigenlijk om de pauze, wanneer er dessert was. De tweede zat heel de tijd te draaien en te woelen, want het was allemaal veel te moeilijk en de derde heeft lekker liggen slapen.

Mij viel de film buitengewoon goed mee. Ik had hem een kleine dertig jaar geleden al gezien en ik herinnerde me enkel de ontknoping. Dat gebeurt me uiterst zelden: een aflevering van een detectivereeks kan ik al binnen het half jaar met evenveel spanning opnieuw bekijken. Wat ik me niet meer herinnerde was de sfeer van de film. Ik verwachtte me aan toch enigszins actieve confrontaties met onbekende buitenaardse wezens, maar die confrontatie speelde zich uitsluitend af op het niveau van psychologie en emoties. Een “trage” film dus, met veel abstracte beelden, verstilde gelaatsuitdrukkingen en goeie sf-muziek, waarin het eigenlijke plot in de suspens verscholen zit.

/!\ verklappingswaarschuwing voor het vervolg van dit artikel /!\

De boodschap die de film geeft, is er een van hoop. De mechanische levensvorm die Aarde bedreigt, heeft qua wetenschappelijke kennis zowat alles wat er te kennen valt in het heelal doorgrond en is nu op zoek naar de Schepper van het geadopteerde ruimtetuig V’ger, dat de opdracht heeft om alle verzamelde kennis terug te sturen naar de Aarde (en dat uiteindelijk de fictieve NASA-ruimtesonde Voyager VI blijkt te zijn). Vanop Aarde wordt er na 300 jaar natuurlijk niet meer geantwoord op de antieke radiosignalen van de ruimtesonde en daardoor raakt de mechanische levensvorm behoorlijk gefrustreerd. Door de confrontatie met de “koolstofgebaseerde infectie” (lees: de bemanning) van het ruimteschip Enterprise, leert de mechanische levensvorm echter ontdekken dat er toch nog evolutie mogelijk is, voorbij de maximalisatie van wetenschappelijke kennis, in het voor een mechanische geest onvatbare verschijnsel van de “hoop”.

De moraal van het verhaal

De hoop, een beetje veralgemeend, is de menselijke capaciteit om verwachtingen te koesteren die helemaal niet empirisch gefundeerd zijn. Hoop is dus ook een beetje wat je nodig hebt om een film te appreciëren die een verhaal brengt dat zich niet klip en klaar in flitsende actie voor de ogen van de kijker ontvouwt, om achter de beelden en de muziek op zoek te gaan naar de emoties en onuitgesproken ideeën.

Wordt planeet Aarde bedreigd door een mechanische intelligentie? Of erdoor gered? Of geen van beide?

De steekproefsgewijze vaststelling van een totaal gebrek aan waardering voor deze film bij de hedendaagse jeugd, stemt me pessimistisch. Wat rest er hen nog aan verbeelding en aan hoop? Zelfs de klimaatmarsen, die door de ‘oudere generatie’ worden opgehemeld als tekenen van hoop in de jonge generatie, zijn—in de beleving van deze film—slechts een bevestiging van hun gebrek aan hoop, want zij zoeken evolutie naar een nieuwe toekomst uitsluitend in de mechanische controle over het klimaat, het “systeem”.

Ik zou ze voorwaar liever op straat zien gaan met een slogan als “de verbeelding aan de macht!”

Of herhaal ik nu toch de jeremiade van alle tijden?

Mr. Spock speelt een belangrijke rol in de film. Zijn logische brein blijkt niet verbeeldingloos genoeg naar Vulcaanse normen, maar is toch het meest ontvankelijk voor communicatie met de mechanische intelligentie.

Vrome logica

Vrome logica charmeert mij bijzonder. In onderstaand uittreksel van De Ware Godsvrucht, neemt de heilige Louis-Marie Grignon de Montfort ons bij de hand om, uitgaande van het beeld van het mystieke lichaam van Christus dat de apostel Paulus gebruikt in zijn eerste brief aan de Corinthiërs, via logische gevolgtrekkingen aan te tonen dat wijzelf ook Maria als onze moeder moeten beschouwen. En daar is geen speld tussen te krijgen!

Een mens en een mens is in haar geboren, zegt de heilige Geest: Homo et homo natus est in ea. Sommige vaders leggen deze tekst aldus uit: De eerste mens, die uit Maria werd geboren, is de Godmens, Jezus Christus; en de tweede een gewone mens, kind van God en van Maria door aanneming. Wanneer het hoofd van het menselijk geslacht Jezus Christus in haar werd geboren, dan is het logisch, dat ook de uitverkorenen, de ledematen van zijn mystiek Lichaam, in Maria het leven ontvangen. Een moeder brengt toch niet alleen het hoofd ter wereld zonder de ledematen; ook niet de ledematen zonder het hoofd. Dat zou immers een monster zijn in de natuur. Welnu, zo is het ook in de bovennatuur: zowel hoofd als ledematen komen voort uit dezelfde moeder. Indien dus een lid van het mystiek Lichaam van Jezus Christus, een voorbeschikte, een andere moeder zou hebben dan Maria, die het hoofd gebaard heeft, dan zou hij allerminst een uitverkorene of lidmaat van Jezus Christus zijn, maar een monster in de orde van de genade.

Louis-Marie Grignon de Montfort, De Ware Godsvrucht, §32
Die Gottesmutter von Lippo Memmi

Illustraties bij lectionarium voor weekdagen in de Vasten (ongecensureerd)

Aswoensdag, buitengewone vorm
Aswoensdag, gewone vorm

Op de website Missale vind je voor elke zondagsmis illustraties bij de lezingen uit het lectionarium. Enkele maanden geleden werden de weekdagen van de Advent en de Kersttijd toegevoegd. Nu zijn ook de weekdagen van de Vasten elk voorzien van een of meer illustraties.

De teller van het aantal afbeeldingen in de database staat nu op 1189.

Bij deze update heb ik getracht niet alleen illustraties voor de evangelielezingen te zoeken, maar ook voor de lezingen uit het Oude Testament of de Epistellezingen.

Lectionaria voor en na het Concilie

Dat was niet altijd even eenvoudig, want het Oude Testament is veel minder populair bij illustratoren en kunstenaars dan het Evangelie. Het was ook een interessante oefening, omdat de website zowel de ‘gewone’ als de ‘buitengewone vorm’ van de liturgie bevat. Die ‘buitengewone vorm’ is de liturgie van voor het tweede Vaticaans concilie, de Tridentijse Mis.

Als je de lectionaria van voor en na het concilie vergelijkt, zijn er niet zo erg veel verschillen in de Evangelielezingen, maar wel in de lezingen uit het Oude Testament. Ik heb beiden lectionaria voor de veertigdagentijd doorlopen en tref een heel ander genre van lezingen aan in de oude en in de nieuwe mis.

Als je op internet op zoek gaat naar de verschillen tussen het oude en het nieuwe lectionarium vind je snel de nodige statistieken die aantonen dat het nieuwe lectionarium een veel hoger volume van de Bijbel afdekt dan het oude (zelfs al bevatte de oude mis ook veel rechtstreekse bijbelcitaten in de vaste gebeden).

Toch blijkt duidelijk dat het niet louter een toevoeging van teksten betreft, maar ook een weglating. Het nieuwe lectionarium is dus niet alleen breder dan het oude, het is ook anders. Het enige artikel dat wereklijk in detail op het verschijnsel van de weggelaten bijbellezingen focust is de paper van Peter Kwasniewski “Not Just More Scripture, But Different Scripture” (beknopt in deze review). Andere artikels duiden dat bijbellezingen zijn weggelaten die gevoelig liggen bij een joods publiek of bij een homoseksueel publiek.

“En mijn gerechtigheid Mij gesteund. Ik vertrapte de volkeren in mijn toorn, Maakte ze dronken van mijn gramschap; En Ik liet hun bloed Op de aarde stromen!” (Jes 63:6) – Woensdag in de Goede Week

Als je een afbeelding zoekt voor een bijbelcitaat, treft je de teneur van het citaat. De teksten die me het meeste moeite bezorgden, waren die waar het godsbeeld van de toornige of straffende God verbeeld werd. Neem bijvoorbeeld de lezing voor de woensdag in de Goede Week. In het oude lectionarium bevat die Jesaja 62:11; 63:1-7, een tekst die niet voorkomt in het nieuwe lectionarium. Als je de lezing opzoekt op de website Biblegateway in het Engels, krijgt die als titel “God’s Day of Vengeance and Redemption” (vertaling New International Version), en in het Nederlands “De ontfermende liefde van God” (vertaling Het Boek). De toon van het programma is gezet.

Het is natuurlijk een uitdaging om “gevoelige” teksten uit de Bijbel te behandelen. Dat merkten we in Vlaanderen laatst nog toen op de TV-mis uit de Paulusbrief werd voorgelezen dat “vrouwen onderdanig moeten zijn aan hun man“. Maar of dat wil zeggen dat we die zonder meer moeten censureren, daarbij heb ik toch serieuze vragen. Wie claimt dat de Kerk sinds het tweede Vaticaans concilie de Bijbel in de liturgie meer aandacht heeft gegeven, heeft gelijk, maar die aandacht heeft een bias. Op zich is dat niet abnormaal, maar het is noodzakelijk zich daarvan bewust te zijn. Het Oude Testament is niet het feel-good-boek dat in het lectionarium naar voor komt.

Het godsbeeld van de toornige God zegt meer over de mens dan over God, maar dat wil niet zeggen dat we het zonder meer onder de mat kunnen schuiven, louter en alleen om onze ‘moderne’ gevoeligheden ter wille te zijn, want dan worden we slippendragers van de heersende seculiere ideologieën, en dat is toch het laatste wat de Kerk moet zijn.