Maand: februari 2020

Een liefdeslaaf van de allerheiligste Maagd is een betere slaaf van Jezus Christus

Volgens de heiligen en veel voorname persoonlijkheden kan men zich dus liefdeslaaf noemen van de allerheiligste Maagd en zich als zodanig aan haar toewijden, om aldus een betere slaaf van Jezus Christus te zijn. De heilige Maagd is het middel waarvan de Heer zich heeft bediend om tot ons te komen. Wij moeten van hetzelfde middel gebruik maken om tot Hem te gaan. Wanneer wij ons aan andere schepselen hechten, zouden deze ons eerder van God kunnen verwijderen dan tot Hem voeren. Maar zo is Maria niet: zij verlangt niets vuriger dan ons met haar Zoon Jezus Christus te verenigen, en haar Zoon ziet niets liever dan dat wij door zijn heilige Moeder tot Hem komen. Op die manier eren en verheugen wij Hem, zoals het ook voor een koning eervol en verheugend zou zijn wanneer iemand zich als slaaf wegschonk aan de koningin, om des te beter zijn onderdaan en slaaf te worden. Daarom zeggen de heilige vaders, en na hen de heilige Bonaventura, dat de heilige Maagd de weg is om tot de Heer te gaan: Via veniendi ad Christum est appropinquare ad illam.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)

Jezus en Maria bezitten dezelfde onderdanen, dienaren en slaven

Wat ik hier in absolute zin gezegd heb van onze verhouding tot Jezus Christus, geldt in betrekkelijke zin ook voor die tot de heilige Maagd. Jezus Christus heeft haar immers tot de onafscheidelijke gezellin gekozen van zijn leven, dood, verheerlijking en van zijn heerschappij over hemel en aarde. Alle rechten en privilegies, die Hij van nature heeft, heeft Hij aan Maria geschonken door genade met inachtneming van de juiste verhouding tot Zijne Majesteit. Quidquid Deo convenit per naturam, Mariae convenit per gratiam: Alwat God van nature toekomt, dat komt Maria toe door genade, zeggen de heiligen. Uit deze woorden leiden zij af, dat Jezus en Maria dezelfde wil en dezelfde macht bezitten, en dus ook dezelfde onderdanen, dienaren en slaven.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)

Slaven uit liefde

Nu dit vaststaat, meen ik te mogen zeggen, dat wij Jezus Christus moeten toebehoren en Hem dienen niet enkel als huurlingen, maar als slaven uit liefde. Onder de drang van een innige genegenheid leveren wij ons aan Hem over om hem als slaven te gehoorzamen; en dat enkel en alleen voor de eer Hem toe te behoren. Vóór het doopsel waren wij slaven van de duivel. Door het doopsel zijn wij slaven van Jezus Christus geworden. Voor een christen is er nu eenmaal slechts deze keuze: ofwel van de duivel slaaf zijn, ofwel van Jezus Christus.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)

Door Jezus Christus gekocht eigendom

In de menselijke samenleving is er niets waardoor de een meer in het bezit is van een ander dan door de slavernij. Zo is er ook in de christelijke gemeenschap geen middel te vinden om op meer volstrekte wijze aan Jezus Christus en aan zijn heilige Moeder te behoren, dan de slavernij uit vrije wil. Jezus Christus heeft ons hierin zelf het voorbeeld gegeven, want uit liefde tot ons heeft Hij de gestalte van een slaaf aangenomen: Formam servi accipiens. Ook de heilige Maagd; zij noemde zichzelf dienstmaagd en slavin van de Heer. De apostel verklaart met fierheid, dat hij servus Christi is. Meermalen worden de christenen in de heilige Schrift als servi Christi aangeduid. En volgens de juiste opmerking van een competent schrijver betekende dit woord servus vroeger alleen maar slaaf, want een ander soort dienaars, zoals nu, bestond er toen nog niet. De meesters hadden uitsluitend slaven of vrijgelatenen in dienst. Trouwens de Catechismus van het Concilie van Trente wil aan alle twijfels omtrent ons slaaf-zijn van Jezus Christus een eind maken en noemt ons met een ondubbelzinnige term mancipia Christi: door Jezus Christus gekocht eigendom.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)

Er bestaat een hemelsbreed verschil tussen een dienaar en een slaaf

Er bestaat een hemelsbreed verschil tussen een dienaar en een slaaf.

1) Een dienaar geeft zijn meester niet alles wat hij is of bezit, noch al datgene wat hij door eigen werkzaamheid of die van anderen kan verkrijgen. Maar de slaaf schenkt zich totaal aan zijn meester, met al wat hij heeft en nog verkrijgen kan, zonder het minste voorbehoud.

2) De dienaar eist loon voor de diensten, die hij zijn meester heeft bewezen. Maar al heeft een slaaf nog zo hard gewerkt, met hoeveel volharding en ijver ook, hij heeft niets te vorderen.

3) Een dienaar kan, wanneer hij wil of tenminste als zijn diensttijd om is, zijn meester verlaten. De slaaf daarentegen kan dat rechtens niet doen, wanneer hij er zin in heeft.

4) Over zijn dienaar heeft de meester absoluut geen recht van leven of dood. Indien hij hem dus zou doden als een van zijn lastdieren, zou dat een onrechtmatige doodslag zijn. Wel echter bezit. hij, krachtens de wet, dit recht over zijn slaaf. Hij kan hem verkopen aan wie hij wil; ofwel hem doden zoals hij, alle vergelijking daargelaten, met zijn paard zou kunnen doen. 5) Tenslotte is er nog dit verschil: de dienaar blijft slechts tijdelijk in dienst bij zijn meester, de slaaf echter voor altijd.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)