Maria voorziet ons van alles naar ziel en lichaam

De tweede liefdedienst door de heilige Maagd aan haar trouwe dienaars bewezen, bestaat hierin, dat zij hen van alles voorziet naar ziel en lichaam.

Wij zagen reeds hoe zij hun een dubbele kleding verschaft. De uitgezochtste spijzen van de tafel van de Heer geeft zij hun te eten: het levensbrood, dat zij zelf heeft gevormd. A generationibus meis implemini, zo zegt zij hun met de Wijsheid: Mijn dierbare kinderen, verzadigt u aan wat ik heb voortgebracht; dat wil zeggen aan Jezus, de vrucht van het leven door mij voor u ter wereld gebracht. Op een andere plaats: Venite, comedite panem meum et bibite vinum quod miscui vobis: comedite et bibite, et inebriamini, carissimi: Komt, zo herhaalt zij, eet mijn brood, dat Jezus is, drinkt de wijn van mijn liefde, die ik voor u gemengd heb met de melk van mijn borsten. Zij is de bewaarster en uitdeelster van de gaven en genaden van de Allerhoogste. Het grootste en beste deel daarvan gebruikt zij voor de voeding en het onderhoud van haar kinderen en dienaren. Versterkt worden ze met het levensbrood en verzadigd met de wijn die maagden kweekt. Aan haar borst worden ze gedragen: ad ubera portabimini. De last van het juk van Jezus Christus worden zij nauwelijks gewaar; zo gemakkelijk dragen zij het. Dat komt door de olie van de godsvrucht waarmee de heilige Maagd het verzacht: Jugum eorum putrescere faciet a facie olei.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)

Maria bezorgt ons de zegen van de hemelse Vader

5) Tenslotte bezorgt Maria hun de zegen van de hemelse Vader, ofschoon ze daarop, als jongere en aangenomen kinderen, natuurlijkerwijze geen aanspraak kunnen maken. Getooid met deze geheel nieuwe, zeer kostbare, welriekende kleding, naar ziel en lichaam gezuiverd en voorbereid, naderen ze vol vertrouwen tot het rustbed van de hemelse Vader. Hij hoort duidelijk aan hun stem, dat het zondaars zijn; raakt hun handen aan, die met de vellen zijn omwonden. Hij ademt de geur van hun gewaden in, eet met smaak van hetgeen Maria, hun Moeder, voor Hem heeft toebereid. En omdat Hij in hen de heerlijke geur gewaar wordt van de verdiensten van zijn Zoon en die van zijn heilige moeder:

a) geeft Hij hun zijn dubbele zegen: de zegen van de hemelse dauw, De rore coelesti, dus van de goddelijke genade, het zaad van de glorie: Benedixit nos in omni benedictione spirituali in Christo Jesu; en de zegen van het vette van de aarde: De pinguedine terrae. Die goede Vader geeft hun het dagelijks brood en voldoende aandeel in de goederen van deze aarde.

b) Hij stelt hen aan tot meesters over hun andere broeders, de verworpelingen. Niet dat er van deze heerschappij altijd iets blijkt in deze wereld, die snel voorbijgaat; hier heersen juist vaak de verworpelingen: Peccatores effabuntur et gloriabuntur. Vidi impium superexaltatum et elevatum: Ik zag de goddeloze, die hoog opschoot als een boom, boven alles verheven. Toch is die heerschappij reëel. In het andere leven zal ze duidelijk zichtbaar worden, voor eeuwig. De rechtvaardigen zullen er, volgens de heilige Geest, heersen en gebieden over de volkeren: Dominabuntur populis.

c) Zijne Majesteit zal niet tevreden zijn als Hij hen alleen in hun persoon zegent, maar Hij zal ook zegenen, die hen zegenen, en vervloeken, die hen vervloeken en vervolgen.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)

Maria maakt ons gereed om waardig voor de hemelse Vader te verschijnen

4) Wanneer wij, door de devotie, die ik beschreven heb, onszelf met al onze verdiensten en voldoeningen aan die goede Moeder volmaakt hebben opgedragen en aldus de oude kleren hebben afgelegd, maakt zij ons gereed om waardig voor de hemelse Vader te verschijnen:

a) zij bekleedt ons met de reine, nieuwe, kostbare en welriekende gewaden van Esau, onze oudste broer, en dat is Jezus Christus, haar Zoon. Zij heeft ze in haar huis. Als algemene schatbewaarster en uitdeelster van de deugden en verdiensten van Jezus Christus haar Zoon kan zij er vrij over beschikken: zij deelt ze mee aan wie zij wil, wanneer en hoe zij wil, en in de mate waarin het haar behaagt. Ik heb dat reeds boven uiteengezet.

b) Hals en handen van haar dienaren omwikkelt zij met de huid van de gedode en gestroopte geitenbokjes, met andere woorden zij tooit hen met de verdiensten en de waarde van hun eigen goede daden. Zeker, zij doodt en vernietigt in hen al het onreine en onvolmaakte, maar van al het goede, dat de genade in hun zielen teweegbracht, laat zij niets verloren gaan. Zij bewaart en vermeerdert dat goede om er het sieraad en de kracht van te maken van hun hals en handen. Dit betekent, dat zij hun de kracht geeft om het juk van de Heer te dragen: dat wordt immers op de hals genomen; en vervolgens om grote dingen tot stand te brengen voor Gods glorie en het geluk van hun arme broers.

c) Zij verleent aan die kleren en sieraden een frisse geur en een nieuwe gratie door hun haar eigen gewaden ter beschikking te stellen: haar eigen verdiensten en deugden. Een vrome religieuze, in de vorige eeuw als een heilige gestorven, heeft een openbaring gehad waarin haar werd meegedeeld, dat zij deze verdiensten en deugden bij haar eigen dood aan haar dienaren bij testament heeft nagelaten. Al haar onderhorigen, al haar trouwe dienaren en slaven, zijn dan ook dubbel gekleed: met de kleren van haar Zoon en die van haar zelf: Omnes domestici ejus vestiti sunt duplicibus. Zij hebben dus niets te vrezen van de koude van Jezus Christus, blank als sneeuw, die voor de verworpelingen ondragelijk is, daar zij geheel naakt en bloot zijn, zonder de verdiensten van Jezus en de heilige Maagd.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)

Maria ontdoet haar dienaren van hun natuurlijke neigingen, hun eigenliefde, hun eigen wil en van elke gehechtheid aan het geschapene

3) Wanneer men nu zijn lichaam, zijn ziel en alles wat daarmee samenhangt onvoorwaardelijk aan haar heeft opgedragen en toegewijd, wat doet die goede moeder dan? Hetzelfde als Rebekka met de twee geitenbokjes, haar door Jakob gebracht:

a) zij doodt in hen de oude Adam;

b) zoals Rebekka die geslachte dieren de huid afstroopte, zo ontdoet zij ook haar dienaren van hun natuurlijke neigingen, hun eigenliefde, hun eigen wil en van elke gehechtheid aan het geschapene;

c) zij zuivert hen van alle smetten, onreinheid en zonde;

d) zij bereidt hen toe naar Gods smaak en voor zijn grootste glorie. Zij kent volledig deze goddelijke smaak en deze grootste glorie van de Allerhoogste. Daarom kan ook alleen zij ons lichaam en onze ziel feilloos voorbereiden op die oneindig verheven smaak en richten naar die oneindig verborgen glorie.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)

Maria geeft aan haar kinderen goede raad

2) Zij geeft aan haar kinderen goede raad, zoals ook Rebekka zei tot Jakob: Fili mi, acquiesce consiliis meis: Luister naar mij, mijn jongen, en doe wat ik je zeg. Zo geeft zij onder andere de raad om haar twee geitenbokjes te brengen: dat wil zeggen hun lichaam en ziel aan haar toe te wijden, opdat zij er voor God een aangename spijs mee bereide. Ook spoort zij hen aan om al datgene te doen wat haar Zoon Jezus Christus ons met woord en voorbeeld heeft voorgehouden. Deze raad verstrekt zij hun ofwel persoonlijk, ofwel door middel van de engelen. De engelen immers beschouwen het als een grote eer en een buitengewoon genoegen één van haar bevelen te mogen uitvoeren, op aarde neer te dalen en een van haar trouwe dienaren bij te staan.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)