Categorie: Blog

Verveeld met het ideologische programma van een liturgist in de jaren ’70

Het stond in de sterren geschreven dat de BLM-newspeak ook de kerk zou treffen. Via een tweet van Jos Moons sj las ik een artikel waarin gepleit wordt om het woord ‘ras’ uit het missaal te verwijderen.

Het gaat om deze tekst, uit het groot dankgebed nr. VII ‘voor de verzoening’:

Breng zo de mensen bijeen van alle rangen en standen, van alle rassen en talen, om in eenheid de maaltijd te vieren tot eeuwige verzoening in een nieuwe wereld, die vervuld is van uw vrede.

Je kan nu leuk die tekst een beetje gaan bijschaven en hopen dat het ‘probleem’ daarmee is opgelost. Ik heb echter geleerd dat je problemen bij de wortel moet aanpakken, de root cause, zoals dat heet.

Elk liturgisch gebed komt van een Latijnse oorsprong. Latijn is—tot nader order—immers nog steeds de oorspronkelijke taal waarin de Kerk bidt.

Ik ben geen specialist terzake, maar enig opzoekwerk suggereert me dat de brontekst van dit gebed als volgt luidt:

Quemádmodum nunc ad mensam Fílii tui nos congregásti, ita nos cóllige cum gloriósa Dei Genetríce Vírgine María, beátis Apóstolis tuis et ómnibus Sanctis, cum frátribus nostris, atque homínibus cuiúsvis stirpis et sermónis in tua amicítia defúnctis, ad perpétuae unitátis convívium, in caelis novis et terra nova, ubi plenitúdo pacis tuae refúlget.

Het is niet omdat die tekst in het Latijn is, dat hij oud is. Hij is ook maar tot stand gekomen in de jaren ’70, bij de opmaak van het novus-ordomissaal. Deze tekst spreekt van “stirpis”. Dat kan “ras” betekenen (*), maar in bijbelse context, met name het Oude Testament, zal je het eerder terugvinden in de betekenis van “stam”, verwijzend naar de twaalf stammen van Israel. Welke betekenis de liturgist heeft bedoeld, is me vreemd, maar ik prefereer zelf de judaische interpretatie.

Vervolgens is dit Latijnse gebed vertaaald (of gebruikt als bron) voor een Nederlands gebed en is “cuiúsvis stirpis et sermónis” in het Nederlands “van alle rangen en standen, van alle rassen en talen” geworden. Huh?

Ik kan me levendig voorstellen hoe dat in zijn werk is gegaan. Ergens in de jaren ’70 heeft een zeer geëngageerd liturgist, die de tekenen van de tijd duidelijk in het visier hield, zich achter zijn schrijftafel gezet om Nederlandstalige dankgebeden bijeen te schrijven. Hij was al erg trots op zichzelf dat hij zich, eigenlijk tegen zijn zin, bediende van de Latijnse teksten die uit Rome kwamen, maar hij vond dat hij de vertaling een beetje “bij de tijd” mocht brengen. “Stammen en talen”, dat begrijpen de mensen natuurlijk niet meer, dus hij introduceerde enkele actuele maatschappelijke hete hangijzers. De jaren ’70, u herinnert zich misschien nog, was de tijd van het opheffen van gezagsstructuren (‘rangen’), van sociale gelijkheid (‘standen’) en ook van rassenstrijd (ja, zo mocht dat toen nog heten). Dat moest dus allemaal in het missaal! Opmerkelijk overigens, dat hij ondanks het toen ook heel actuele feminisme, heeft verzaakt ‘zowel vrouwen als mannen’ toe te voegen, dat had nu ook nog een fijne rel kunnen geven 🙂 

Conclusie: we zitten vandaag verveeld met een gebed omdat een liturgist er 50 jaar geleden zijn ideologisch programma in heeft neergeschreven. O ironie! 

Misschien kan dit een argument worden om zich bij nieuw liturgisch vertaalwerk te onthouden van dit soort van vrije interpretaties en trouw te blijven aan de Latijnse tekst, waarbij een oprechte gelovige met een minimum aan verbeeldingsvermogen zich echt wel aangesproken kan voelen als er gebeden wordt “voor mensen van alle stammen en talen”. 

In de uitloop van diezelfde tweet kwam ook de vertaling ter sprake van de consecratiewoorden ‘pro multis’ (voor velen), die in het Nederlands ‘voor allen’ worden.

Ook daarover heb ik mijn eigen meninkje gereed! De lezingen van vorige zondag zijn verhelderend. Paulus zegt: “allen schonk Gods genade rijke vergoeding door de grote gave van zijn genade, de ene mens Jezus Christus”. Dus: de genade is voor ‘allen’. Jezus heeft echter ook klare taal: “Ieder die Mij bij de mensen belijdt, hem zal ook Ik als de mijne erkennen bij mijn Vader die in de hemel is. Maar ieder die Mij zal verloochenen tegenover de mensen zal Ik ook verloochenen tegenover mijn Vader die in de hemel is.” Dus: de redding is niet voor allen! 

Om een actuele analogie te gebruiken: corona-treintickets zijn er ‘voor allen’, maar alleen wie er een aanvraagt, zal die ook krijgen, ‘voor velen’ dus. Zo ook met Gods genade. 

Jeremia brengt de verzoening van beide uitspraken: “God van de hemelse machten, die alles rechtvaardig onderzoekt, die hart en nieren doorgrondt, laat mij zien hoe Gij u op hen wreekt. Ik heb immers mijn zaak in uw handen gelegd”. Het is niet omdat het niet aan ons is om te oordelen, dat er niet geoordeeld zal worden. Dat lijkt de Nederlandse vertaling echter wel te suggereren. 

Ik vind dat er in de Latijnse tekst een spirituele meerwaarde is, want die houdt het spanningsveld open, dat er in het geloof altijd moet bestaan tussen de genade die ons wordt aangereikt en de manier waarop wij die beantwoorden. Anders lijkt het een op voorhand uitgemaakte zaak, maar welke liturgist, hoeveel graden in de theologie hij ook behaald heeft, kan die uitspraak doen?


(*) als ik Google het Engelse woord ‘race’ laat vertalen naar het Latijn, komen er veel resultaten uit (genus, gens, stirpis, semen, saeclum, propago, provine, stirps, prosapia, progenies, proles, domus, natio), het is dus twijfelachtig of de Latijnse tekst, ook al stamt hij uit 1974, naar ‘ras’ verwijst zoals wij dat verstaan, dat in de oudheid niet bestond.

Black Lives Matter, de 714de regel van de wet van Mozes?

Soms lees ik een van de preken die wekelijks verschijnen op preken.be, een van de talrijke websites waarheen de Heilige Geest je via Alledaags Geloven kan voeren. Vanavond kreeg ik al een preek voor volgende zondag, de 11de zondag doorheen het jaar. In het evangelie (Mt 9:36-10:8) betreurt Jezus de mensen die bij hem komen, die er “uitgeput en hulpeloos uitzagen, als schapen zonder herder”. 

Jezus had omwille van zijn genezingen net weer een aanvaring met de farizeeën achter de rug, dus de schrijver van de preek vermoedt dat het om mensen gaat die uitgeput worden door het volgen van de 713 geboden en verboden uit de wet van Mozes, zonder er geestelijke lafenis door te vinden. Mooi, dat klinkt logisch.

Zoals in de preek de gewoonte is, wordt het evangelie vervolgens geactualiseerd: “wie zijn vandaag die uitgeputte en hulpeloze mensen?” Je zou verwachten dat de schrijver dan ingaat op zijn interpretatie van het evangelie en de wet van Mozes, maar je krijgt het klassieke riedeltje:

  • Zijn dat de miljoenen vluchtelingen die letterlijk hongeren en dorsten? 
  • Zijn dat de armen, de zieken, de velen die afhankelijk zijn van hulp? 
  • Zijn dat de mensen die  duistere wegen gaan, die verloren lopen in onze maatschappij, die foute dingen doen? 
  • Of gewoon de mensen die pech hebben omdat ze niet passen in het denken en doen van deze tijd?

Ik meen nochtans dat het lijstje (onbedoeld?) de goeie kant opgaat. Vluchtelingen, armen, zieken, ja, die kunnen natuurlijk uitgeput en hulpeloos zijn, maar in deze context komt het me niet voor dat Jezus het over hen had. Wel over die laatste categorie.

Mijn actualisering zou gaan over de verstikkende regels die ons vandaag worden opgelegd door wereldverbeteraars die, net als de farizeeën, menen dat ze het beste met ons voorhebben en ons daarom opleggen hoe we moeten denken. Black lives matter is een beweging die overloopt van de goeie bedoelingen, maar ze draait rond het aanpraten van een vals schuldgevoel. Als er iets is waar de farizeeëen goed in waren, en waartegen Jezus in opstand kwam, is het precies dat!

Zo creëer je een grote groep mensen die nooit een probleem hebben gehad in hun omgang met negers (*), maar die nu plots mensen worden “die pech hebben omdat ze niet passen in het denken en doen van deze tijd”, omdat ze zich onnodig belast voelen met een nieuwe, aangeprate, collectieve schuld. 

Mijn preekje zou de censuur niet overleven, vrees ik, maar ik zou rechtuit zeggen dat het gedaan moet zijn met die sentimentele flauwe kul, dat negers gewoon Vlaamse burgers cq. christenen zijn als u en ik, met dezelfde rechten en plichten en met dezelfde goeie en slechte kanten zoals je die bij iedereen aantreft, en dat iedereen die achter een bord aanloopt met daarop “Black lives matter”, een farizeeër in de dop is, die in naam van het geloof (in een betere wereld) meer kwaad doet dan goed.

Het evangelie vervolgt met de zending van de leerlingen “tot de verdwaalde schapen uit het huis van Israël, maar niet tot de steden van de Samaritanen” (kijk eens aan, deze ietwat racistische zinswending zouden we dan ook beter schrappen, niet?), om ondermeer “boze geesten uit te drijven”. De auteur van de preek actualiseert die boze geesten als “onverschilligheid, van ikke en de rest kan stikken, van bezitsdrang, van oordelen en veroordelen”. Opnieuw een klassiek riedeltje dat de goeie kant opgaat. “Oordelen en veroordelen”, deze laatste boze geest uit het rijte, zal Black lives matter nu net niét uitdrijven, ben ik bang, want de beweging bevestigt deze geest—nee, ze roept deze geest op uit het niets!

Op de (laatste) livestream-mis uit de kathedraal mocht één van de Afrikaanse priesters uit Antwerpen concelebreren met de bisschop, als teken van onze verbondenheid. Goed bedoeld van de bisschop, maar voor een katholiek, met welke huidskleur ook, zou het toch niet mogen uitmaken wat de huidskleur is van de priester die de mis opdraagt, om zich met Christus te verenigen? Ik hoop uit de grond van mijn hart dat de diep-gelovige Antwerpse anglo-afrikaanse gemeenschap, die ik nog ken van toen ze in onze parochie actief waren, zich niet laat ophitsen door Black lives matter. Verschillen waren er genoeg, toendertijd, maar verdeeldheid heb ik nooit gevoeld, enkel bewondering, juist omwille van die verschillen! 


(*) ja, ik gebruik dat woord hier nu wel, want ook dat is weer zo’n farizeese verbodsregel waaronder een christen eigenlijk niet gebukt moet gaan.

Mgr. Johan Bonny voltooit lezingenreeks over Handelingen

Van Paasmaandag tot de zaterdag voor Pinksteren heeft mgr. Johan Bonny, bisschop van Antwerpen, via Youtube een lezingenreeks over het boek Handelingen van de Apostelen uitgezonden, in 42 afleveringen. 

Daarmee is het eerste jaar afgesloten van het driejarige pastorale project rond de Handelingen. Het eerste jaar stond onder het motto Neem en lees! Het tweede jaar, dat nu aanvangt, heeft als motto Gebruik uw voeten! Benieuwd wat dat zal leveren… Meer daarover in de homilie van Pinksteren of de projectwebsite.

De afgeronde lezingenreeks is terug te bekijken op het Youtubekanaal van de Kathedraal van Antwerpen onder de titel “Dagelijkse Verbinding” en verschijnt ook op Alledaags Geloven! Bij elke aflevering is een link naar het Lectionarium voorzien, zodat je de besproken tekst erbij kan nemen.

Alledaagse Verbinding

Alledaags Geloven na groot onderhoud

Voor wie de site nog niet kent: Alledaags Geloven is een website die je kan helpen als je elke dag tijd wil maken voor spiritualiteit, maar zelf nog niet genoeg houvast hebt om je eigen geestelijke voortgang uit te stippelen. Eigen inhoud levert de site niet, wel een overzicht van meer dan 50 online bronnen van gebed en bezinning, dat dagelijks vernieuwd wordt. Om het kiezen nog gemakkelijker te maken, kan de site voor jou een willekeurig item uit het aanbod selecteren, als je op het ikoontje met de duif klikt: de Heilige Geest zal je dan helpen! Via de gelijknamige Android-app worden je dezelfde bronnen aangeboden: een heel efficiënte manier om elke dag aan je geloof te werken!

De site heeft tijdens de lock-down een ‘groot onderhoud’ gekregen. Enkele kaarten die niet meer werkten zijn hersteld en er zijn er ook weer bijgekomen!  Dit is nieuw of opnieuw beschikbaar:

  • Radiouitzendingen van de Nederlandse Dominicanen
  • De Schatkamer van de kathedraal van Antwerpen
  • Dagelijkse Verbinding over het boek Handelingen door mgr. Bonny
  • Livestream 24/7 vauit Lourdes
  • Voorgelezen psalmen van de abdij van Zevenkerken
  • Tijd met Jezus
  • Spreken met God
  • Dagelijks evangelie via Evangelizo
  • Innerlijk Leven van Willem Grossouw
  • Bezinningen van Hans Smits

Een andere app uit dezelfde stal is die met Katholieke Gebeden. Ook die is helemaal vernieuwd. Ze ziet er nog hetzelfde uit, maar werkt nu veel sneller. 

Het hele aanbod van Alledaags Geloven

Is lock-down christelijk?

Geconfronteerd met een ernstige besmettelijke ziekte maatregelen treffen om de impact te beperken, is redelijk. Het is de taak van de geneeskunde en zonodig ook van de overheid om ons te beschermen. Als christenen kunnen we ons daar helemaal in vinden. Het is ook de roeping van elke christen om het leven, dat van Gods gegeven is, te behoeden voor onheil. Zowel vanuit christelijk perspectief als vanuit seculier/wetenschappelijk perspectief, streven we voor de maximale bescherming tegen de ziekte.

Is dat zo vanzelfsprekend? Blijven de strategieën gelijklopen in extreme gevallen? Is de coronacrisis zo’n extreem geval?

Als antithese zou ik willen stellen dat het uiteindelijke doel van de geneeskunde duidelijk verschilt van dat van de christelijke leer. De geneeskunde wil zorgen dat we zo lang mogelijk in zo comfortabel mogelijke omstandigheiden kunnen leven. De christelijke leer wil finaal dat we zo goed mogelijk kunnen sterven. De leer van de uitersten mag dan wat weggemoffeld zijn in het hedendaags christelijke discours, ze geldt nog steeds, en wil dat elke ziel na de verrijzenis het licht van God mag zien, niet door lang of comfortabel te leven, maar door goed te leven, volgens Gods geboden.

Hoe meer middelen we in handen krijgen om ons levenseinde te beïnvloeden, hetzij negatief, hetzij positief, hoe sterker het onderscheid tot uiting komt tussen de christelijke en de seculiere finaliteit van het leven. 

Voorbeelden waar dit onderscheid al sinds geruime tijd aan het oppervlakte is gekomen, zijn euthanasie en abortus. Beide praktijken zijn volgens de criteria die wetenschap/overheid hanteert, volstrekt legitiem, want ze verhogen wat gepercipieerd wordt als “kwaliteit van het leven”. Volgens de christelijke leer zijn ze ontoelaatbaar, want ze gaan in tegen het vijfde gebod “gij zult niet doden”. Je mag dan nog langs beiden zijden de nodige nuances aanbrengen, verzoenbaar worden de standpunten niet.

Andere voorbeelden zijn praktijken zoals kunstmatige geboortebeperking en geslachtsverandering, en neem homoseksulateit er ook maar bij. Die gaan evenwel niet in tegen het vijfde gebod, maar toch leert de christelijke moraal dat ze op onnatuurlijke wijze de voortplanting, deel van het scheppingsproces, verstoren.

Een nog moeilijker voorbeeld is de kunstmatige voortplanting. Volgens de geneeskunde perfect mogelijk, maar de kerk stelt er erstige vragen bij. Niet uitsluitend omdat er overbodige embryo’s worden gedood of omdat de techniek wordt toegepast buiten het huwelijk, maar ook om hetzelfde principiële bezwaar dat er op onnatuurlijke wijze wordt ingegrepen in het scheppingsproces.

Is de kerk dan plots niet meer pro life, maar tegen het leven?

De rode draad in de christelijke moraal is niet de bescherming van het leven op zich, maar respect voor de gegevenheid van het leven. Ons leven is geen doel op zich, het is de weg naar ons doel, bij God te zijn. Pas als we ons in de plaats van de Schepper stellen, hetzij aan het begin, hetzij aan het einde van het leven, gaan de alarmbellen af. Deze ethiek is gebaseerd op onze onderworpenheid aan de natuurwet. 

De natuurlijke dood is op dezelfde wijze een wezenlijk aspect van ons bestaan en kan daarom bij een christen geen weerzin oproepen. Juist christenen zouden zich ten volle op de dood moeten voorbereiden. Klassieke gebeden drukken dat uit. In elk weesgegroet bidden we “bid voor ons, nu en in het uur van onze dood“. De oefeningen van geloof, hoop, liefde en berouw uit de Mechelse catechismus besluiten met de formule “in dit geloof/hoop/liefde/berouw wil ik leven en sterven“. 

In het euthanasiedebat wordt geschermd met de term “voltooid leven”, wat christenen tegen de borst stuit. Een christen hoort nochtans te allen tijde klaar te zijn te verschijnen voor de Heer, daartoe heeft Christus ons aangespoord in tal van parabels. Het leven van een christen is in wezen op elk moment ‘voltooid’. Wat een christen tegen de borst stuit, is de gevolgtrekking dat je een ‘voltooid leven’ actief zou mogen beëindigen. Van oude mensen hoor je wel eens zeggen “die is gereed om te gaan” of “onze lieve Heer mag mij nu komen halen”. Dat is helemaal geen cynisme en heel iets anders dan een spuitje vragen. 

De verhalen die me tijdens de coronacrisis het meest getroffen hebben, zijn die van zieken, al dan niet slachtoffer van het virus, die in een ziekenhuis of bejaardenhuis onder lock-down hun sterfbed gevonden hebben, zonder de nabijheid van hun familie. De maatregelen om het leven te beschermen, schermen ons ook af van het sterven. Voor een christen zou ook hier de alarmbel moeten afgaan. De bescherming van het leven, correct volgens seculiere moraal, verwordt tot een afwijzing van het natuurlijk sterven. 

Ik las laatst een SF-reeks Hyperion, waar in een verre toekomst de katholieke kerk, geleid door een jezuiet als paus (!), met de naam Teilhard I, in de macht komt van een Artificiele Intelligentie die door middel van een kruisvormig implantaat in de borstkas parasiteert op het brein van gelovigen, in ruil voor een middel om het eeuwige leven te verkrijgen: wanneer iemand sterft, zorgt het parasiterend organisme na drie dagen voor een heropstanding van lichaam en geest, onder het mom van de christelijke opstanding. 

Dystopische romans kunnen profetische elementen bevatten. De kerk moet waakzaam zijn niet blindelings de drang van de wetenschappelijke ontwikkeling te volgen om op mechanische wijze de natuurlijkheid van het sterven weg te nemen. De finaliteit van het christelijk leven is mooier en beter dan gekluisterd aan medische apparaten in eenzaamheid de grenzen van de wetenschap te ervaren.


Paul Duré sj, die zichzelf kruisigde aan een Teslaboom en later paus Teilhard I zou worden, tot de AI de macht overnemen.