Maria maakt ons gereed om waardig voor de hemelse Vader te verschijnen

4) Wanneer wij, door de devotie, die ik beschreven heb, onszelf met al onze verdiensten en voldoeningen aan die goede Moeder volmaakt hebben opgedragen en aldus de oude kleren hebben afgelegd, maakt zij ons gereed om waardig voor de hemelse Vader te verschijnen:

a) zij bekleedt ons met de reine, nieuwe, kostbare en welriekende gewaden van Esau, onze oudste broer, en dat is Jezus Christus, haar Zoon. Zij heeft ze in haar huis. Als algemene schatbewaarster en uitdeelster van de deugden en verdiensten van Jezus Christus haar Zoon kan zij er vrij over beschikken: zij deelt ze mee aan wie zij wil, wanneer en hoe zij wil, en in de mate waarin het haar behaagt. Ik heb dat reeds boven uiteengezet.

b) Hals en handen van haar dienaren omwikkelt zij met de huid van de gedode en gestroopte geitenbokjes, met andere woorden zij tooit hen met de verdiensten en de waarde van hun eigen goede daden. Zeker, zij doodt en vernietigt in hen al het onreine en onvolmaakte, maar van al het goede, dat de genade in hun zielen teweegbracht, laat zij niets verloren gaan. Zij bewaart en vermeerdert dat goede om er het sieraad en de kracht van te maken van hun hals en handen. Dit betekent, dat zij hun de kracht geeft om het juk van de Heer te dragen: dat wordt immers op de hals genomen; en vervolgens om grote dingen tot stand te brengen voor Gods glorie en het geluk van hun arme broers.

c) Zij verleent aan die kleren en sieraden een frisse geur en een nieuwe gratie door hun haar eigen gewaden ter beschikking te stellen: haar eigen verdiensten en deugden. Een vrome religieuze, in de vorige eeuw als een heilige gestorven, heeft een openbaring gehad waarin haar werd meegedeeld, dat zij deze verdiensten en deugden bij haar eigen dood aan haar dienaren bij testament heeft nagelaten. Al haar onderhorigen, al haar trouwe dienaren en slaven, zijn dan ook dubbel gekleed: met de kleren van haar Zoon en die van haar zelf: Omnes domestici ejus vestiti sunt duplicibus. Zij hebben dus niets te vrezen van de koude van Jezus Christus, blank als sneeuw, die voor de verworpelingen ondragelijk is, daar zij geheel naakt en bloot zijn, zonder de verdiensten van Jezus en de heilige Maagd.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *