Richt het tweede Domine non sum dignus, enzovoort, tot God de Zoon

Richt het tweede Domine non sum dignus, enzovoort, tot God de Zoon; u bent niet waardig Hem te ontvangen wegens uw nutteloze en verkeerde gesprekken, uw ontrouw in zijn dienst. Maar u smeekt Hem, medelijden met u te hebben, want u wilt Hem binnenleiden in het huis van zijn en uw Moeder. U zult Hem niet laten gaan, of Hij moet zijn intrek bij u genomen hebben. Tenui eum, nec dimittam, donec introducam illum in domum matris meae, et in cubiculum genetricis meae, Hooglied 3,4: Ik houd Hem vast en ik laat Hem niet gaan, tot ik Hem heb binnengeleid in het huis van mijn Moeder en in het slaapvertrek van haar, die mij baarde. Vraag Hem, dat Hij op zou staan en komen zou in de plaats van zijn rust, in zijn heilige ark: Surge, Domine, in requiem tuam, tu et arca sanctificationis tuae. Zeg tot Jezus, dat u, in tegenstelling tot Esau, niet op uw eigen verdiensten, sterkte en voorbereiding steunt, maar op die van Maria, uw lieve Moeder, zoals Jakob op de zorgen van Rebekka vertrouwde. Al bent u nog zo zondig en gelijkend op Esau, toch durft u zijn heiligheid benaderen, steunend op de verdiensten van uw heilige Moeder en versierd met haar deugden.

Over de Volmaakte GodsvruchtAbonneren per email (dagelijks van 2/12/2019 tot 28/11/2020)

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *