Tag: godsbeeld

Illustraties bij lectionarium voor weekdagen in de Vasten (ongecensureerd)

Aswoensdag, buitengewone vorm
Aswoensdag, gewone vorm

Op de website Missale vind je voor elke zondagsmis illustraties bij de lezingen uit het lectionarium. Enkele maanden geleden werden de weekdagen van de Advent en de Kersttijd toegevoegd. Nu zijn ook de weekdagen van de Vasten elk voorzien van een of meer illustraties.

De teller van het aantal afbeeldingen in de database staat nu op 1189.

Bij deze update heb ik getracht niet alleen illustraties voor de evangelielezingen te zoeken, maar ook voor de lezingen uit het Oude Testament of de Epistellezingen.

Lectionaria voor en na het Concilie

Dat was niet altijd even eenvoudig, want het Oude Testament is veel minder populair bij illustratoren en kunstenaars dan het Evangelie. Het was ook een interessante oefening, omdat de website zowel de ‘gewone’ als de ‘buitengewone vorm’ van de liturgie bevat. Die ‘buitengewone vorm’ is de liturgie van voor het tweede Vaticaans concilie, de Tridentijse Mis.

Als je de lectionaria van voor en na het concilie vergelijkt, zijn er niet zo erg veel verschillen in de Evangelielezingen, maar wel in de lezingen uit het Oude Testament. Ik heb beiden lectionaria voor de veertigdagentijd doorlopen en tref een heel ander genre van lezingen aan in de oude en in de nieuwe mis.

Als je op internet op zoek gaat naar de verschillen tussen het oude en het nieuwe lectionarium vind je snel de nodige statistieken die aantonen dat het nieuwe lectionarium een veel hoger volume van de Bijbel afdekt dan het oude (zelfs al bevatte de oude mis ook veel rechtstreekse bijbelcitaten in de vaste gebeden).

Toch blijkt duidelijk dat het niet louter een toevoeging van teksten betreft, maar ook een weglating. Het nieuwe lectionarium is dus niet alleen breder dan het oude, het is ook anders. Het enige artikel dat wereklijk in detail op het verschijnsel van de weggelaten bijbellezingen focust is de paper van Peter Kwasniewski “Not Just More Scripture, But Different Scripture” (beknopt in deze review). Andere artikels duiden dat bijbellezingen zijn weggelaten die gevoelig liggen bij een joods publiek of bij een homoseksueel publiek.

“En mijn gerechtigheid Mij gesteund. Ik vertrapte de volkeren in mijn toorn, Maakte ze dronken van mijn gramschap; En Ik liet hun bloed Op de aarde stromen!” (Jes 63:6) – Woensdag in de Goede Week

Als je een afbeelding zoekt voor een bijbelcitaat, treft je de teneur van het citaat. De teksten die me het meeste moeite bezorgden, waren die waar het godsbeeld van de toornige of straffende God verbeeld werd. Neem bijvoorbeeld de lezing voor de woensdag in de Goede Week. In het oude lectionarium bevat die Jesaja 62:11; 63:1-7, een tekst die niet voorkomt in het nieuwe lectionarium. Als je de lezing opzoekt op de website Biblegateway in het Engels, krijgt die als titel “God’s Day of Vengeance and Redemption” (vertaling New International Version), en in het Nederlands “De ontfermende liefde van God” (vertaling Het Boek). De toon van het programma is gezet.

Het is natuurlijk een uitdaging om “gevoelige” teksten uit de Bijbel te behandelen. Dat merkten we in Vlaanderen laatst nog toen op de TV-mis uit de Paulusbrief werd voorgelezen dat “vrouwen onderdanig moeten zijn aan hun man“. Maar of dat wil zeggen dat we die zonder meer moeten censureren, daarbij heb ik toch serieuze vragen. Wie claimt dat de Kerk sinds het tweede Vaticaans concilie de Bijbel in de liturgie meer aandacht heeft gegeven, heeft gelijk, maar die aandacht heeft een bias. Op zich is dat niet abnormaal, maar het is noodzakelijk zich daarvan bewust te zijn. Het Oude Testament is niet het feel-good-boek dat in het lectionarium naar voor komt.

Het godsbeeld van de toornige God zegt meer over de mens dan over God, maar dat wil niet zeggen dat we het zonder meer onder de mat kunnen schuiven, louter en alleen om onze ‘moderne’ gevoeligheden ter wille te zijn, want dan worden we slippendragers van de heersende seculiere ideologieën, en dat is toch het laatste wat de Kerk moet zijn.

De geconcretiseerde abstractie van het christelijk geloof: een mind-twister

Af en toe herlees ik zelf oude artikels op mijn blog. Laatst stiet ik op deze stelling: “Gelovigen kunnen God gestalte geven door in hun dagelijks leven hun naaste te beminnen, maar zelfs dat blijft, hoewel het noodzakelijk is, tamelijk abstract”. Bij het lezen dacht ik: dat is toch wel eigenaardig geformuleerd, hoe kan een concrete daad van naastenliefde nu abstract zijn?

Een reconstructie van mijn gedachten drong zich op.

Abstract denken

Zonder een godsdienst te specifiëren, zou je religieus denken kunnen opvatten als een bijzondere vorm van abstract denken. Abstract denken is een vaardigheid van de menselijke geest om te redeneren over begrippen die je niet concreet kan waarnemen. Nadenken over God hoort dus per definitie tot het abstracte denken, want je kan God niet waarnemen en toch zijn er hele bibliotheken over bijeengeschreven. Het Oude Testament is één van die bibliotheken, waarmee we goed vertrouwd zijn.

Geconcretiseerd

Het christelijk geloof is op zich dan weer een bijzondere vorm van dat abstracte religieuze denken, want het onderwerp van het abstracte denkproces, God, concretiseert zich in een mens, Jezus. Precies zoals Johannes het verwoordt in het eerste hoofdstuk van zijn Evangelie: “Het Woord (logos – denken – ontastbaar – abstract) is vlees (mens – tastbaar – concreet) geworden”. In het christelijk geloof is het abstracte concreet geworden.

De katholieke Kerk, veel meer dan de protestantse afsplitsingen, houdt sterk vast aan die concretisering van de abstracte God. Het sacrament van de eucharistie is daarvan het treffendste voorbeeld. Jezus’ lichamelijkheid wordt voor altijd bestendigd in het offerbrood van de heilige Mis. Voor een katholieke gelovige is denken over God geen abstract denken meer, want zijn God is concreet, tastbaar. Een katholiek gelooft met zijn zintuigen en met zijn handen en voeten.

Dualiteit

Het is een dualiteit die Jezus ook uitspeelt als hij spreekt over het Grootste Gebod. Naast het abstracte joodse gebod dat betrekking heeft op God “Gij zult de Heer uw God liefhebben met geheel uw hart, geheel uw verstand en met al uw kracht” plaatst Hij het concrete christelijke gebod dat betrekking heeft op de mens “Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf”. Wie die naaste precies is, houdt Hij echter in het ongewisse, dat blijft dan verrassend genoeg toch abstract.

In zijn rede over het Laatste Oordeel zegt Hij: “Alles wat ge voor de minste van de mijnen hebt gedaan, hebt ge voor Mij gedaan”. Wat is nu het concrete en wat is het abstracte? Echt duidelijk wordt het niet, maar wat zou er gebeuren als we de rollen eens omdraaien?

De rollen omgedraaid

Onze relatie tot onze naasten, onze rol in de samenleving, alles wat we normaalgezien ‘concreet’ zouden noemen, kan je nu overdenken als een abstractie van onze concrete relatie tot Jezus. De mensen om ons heen worden een beeld van Jezus. Net zoals wiskundige of chemische formules abstracte vorm zijn van concrete fysische processen, is onze relatie tot de naaste een abstracte vorm van onze concrete relatie tot Christus.

Ik denk dat het een betere benadering is om over het christelijk geloof na te denken. De gewoonlijke benadering, waarbij de liefde van God als een geestelijke abstractie wordt voorgesteld van onze concrete daden van naastenliefde, vind ik problematisch omdat ze insinueert dat het de mens is die zich een Godsidee schept om over belangrijke levensvragen abstract te kunnen redeneren. Als je nadenkt over de Schepping, de Menswording en de Verlossing houdt die benadering geen steek. Draai je het helemaal om en beschouw je onze daden van naastenliefde als abstracte vormen van de concrete liefde van God, dan valt heel de Blijde Boodschap netjes in haar plooi!