Sunk costs

Zoonlief loopt zijn eerste jaar bij de verkenners op de scouts. Hij heeft daar op het zomerkamp een stevige doop ondergaan. Tegenover een bevriende econoom liet ik laatst ontvallen dat zo’n doop het lidmaatschap van de vereniging plots een stuk minder vrijblijvend maakt. Ja, zei die, dat zijn de “sunk costs”. Daarvan had ik nog nooit gehoord. 

Sunk costs (in het Nederlands ook wel verzonken kosten), of sunk expenditures zijn in de economie kosten die al gemaakt zijn en niet meer ongedaan te maken zijn. Bij het nemen van operationele economische beslissingen dient men geen rekening te houden met deze sunk costs. Mensen doen dit echter wel en dit wordt gezien als een van de bekende valkuilen in het nemen van een economische beslissing. 

https://nl.wikipedia.org/wiki/Sunk_costs

Het psychologische effect maakt van sunk costs een herkenbaar verschijnsel in het dagelijks leven, zie maar het voorbeeld van het concertticket dat je al maanden op voorhand aankocht, maar wanneer je de dag zelf eigenlijk geen zin meer hebt in het concert, voel je je toch verplicht om te gaan, “omdat het ticket al betaald is”. Volgens de logica je reinste onzin, maar menselijk heel begrijpelijk.

Zo werkt zo’n doop dus ook. Als je een jaar later plots nieuwe interesses of vrienden hebt en minder tijd of zin om elke zondag naar de scouts te gaan, zijn het de sunk costs van die zware doop die je doen blijven gaan, “omdat ik anders voor niks zo heb afgezien bij mijn doop”. 

Door toe te geven aan een sunk cost, leg je jezelf beperkingen op in je keuzevrijheid, zonder reden. Enkel omwille van spoken uit het verleden. Daar kunnen we niet meer mee om: wij zijn immers zelfbewuste, toekomstgerichte, vrije burgers en we kiezen autonoom en op rationele grond wat we doen en laten, op basis van onze eigen persoonlijke voorkeuren en inzichten, zonder ons te laten misleiden door sunk costs uit ons verleden! Net zoals verstandige economen dat doen.

Dat mensbeeld ben ik nu stilaan zo beu! Ik walg er echt van, hoe die zelfbewuste autonomie aanleiding geeft tot een hele reeks groteske, mensonterende aberraties, waar iedereen intuint alsof ze het nieuwe normaal zijn.

Polyamorie en echtscheiding verlost ons van de sunk cost van het huwelijk. 
Voltooid leven verlost ons van de sunk cost van geboren worden.
Euthanasie verlost ons van de sunk cost van het lijden in ziekte.
Abortus verlost ons van de sunk cost van het opbouwen van een relatie.
Genderfluiditeit verlost ons van de sunk cost van ons biologisch geslacht.
Het onderwijs verlost ons van de sunk cost van het ouderschap.
De bejaardenindustrie verlost ons van de sunk cost van het kinderschap.

Maar kijk, ik hou van sunk costs! Ik laat me graag verleiden door die irrationele redeneringen, die een erfenis uit het verleden bepalend laten zijn voor wat ik vandaag wel—én meer nog: niet—kan doen. Ik koester mijn sunk costs!

De sunk cost van mijn huwelijk, bindt me aan mijn vrouw en kinderen.
De sunk cost van mijn doopsel en mijn vormsel, bindt me aan mijn geloof.
De sunk cost van mijn humanioraopleiding, bindt me aan de joods-christelijke beschaving.
De sunk cost van mijn moedertaal, bindt me aan Vlaanderen en Nederland.
De sunk cost van mijn lidmaatschap van bepaalde verengingen, de sunk cost van vriendschappen, de sunk cost van de overjas die ik al jaren verstel en van de oude fiets die ik jarenlang bleef herstellen, …

Allemaal en zoveel meer toegangstickets die in mijn schuif liggen roepen: “he, je moet wat met ons, want we zijn al betaald!”, zelf niet beseffend hoe dom dat wel klinkt. Ze geven me een reden om—buiten de rede om—mijn loyauteiten te verantwoorden en dan denk ik soms: “ze hadden best nog wat duurder mogen zijn!”, want eens komt de dag waarop de econoom zou zeggen: “nu is het genoeg geweest, we trekken de stekker eruit” en dan hoop ik irrationeel te volharden en te antwoorden: “niks van, ik breng mijn sunk costs in rekening!”.

Sunk costs kenmerken de ware conservatief. Niet de neo-conservatief, die elke dag opnieuw loopt te wikken en te wegen wat vandaag wel nog en wat niet meer de moeite waard is om te behouden. Nee, de aartsconservatief, die zich met handen en voeten bindt aan alles waarvoor hij ooit door het vuur is gegaan en het behoud ervan met een blinde loyauteit wil verdedigen, tegen beter weten in als dat nodig is!

“Rationaliteit zonder een zekere nostalgie en zonder enige twijfel aan de zegeningen van de toekomst, leidt tot irrationele en onmenselijke systemen.” 

Benno Barnard, Hoe en waarom ik conservatief ben

Een organisatie die bestaat bij gratie van continu in rekening gebrachte sunk costs, is de Kerk. Volgens de econoom mag een (vermeende) verrijzenis van 2000 jaar geleden ons niet beïnvloeden in onze keuzes vandaag. Katholieken doen het lekker irrationeel toch. Elke martelaar, is voor de Kerk een sunk cost, die tot vandaag in de rekeningen blijft staan. Heel de traditie is één grote sunk cost, die een gelovige maar o-zo-graag telkens opnieuw incalculeert, omdat er zo gigantisch veel wijsheid en goddelijke genade in is geïnvesteerd. 

Maar ook hier zie je hoe de econoompjes zich van de zaak meester maken, zich voordoen als theologen, en beweren dat we met sunk costs geen rekening hoeven te houden, dat we rationeel moeten zijn en slechts afgaan op wat hier en nu voor ons operationeel beleid het belangrijkst is. 

Ook hier zeg ik: laat dat kerkbeeld maar aan mij voorbijgaan, en gun me mijn sunk costs!

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *